Wijze lessen tijdens het 100ste Energie-ontbijt

foto’s: Linlin van Lonkhuyzen

Het aantal camera’s en de opstelling doen denken aan De Wereld Draait Door. Matthijs van Nieuwkerk is er niet bij, maar wél sportjournaliste en presentatrice Barbara Barend. Samen met Thijs Haverkamp, Frank Boon en Pauline Westendorp kijkt ze terug op 99 ontbijtjes, ontelbare kopjes koffie, croissants en eitjes. En ze blikt vooruit, samen met Herman Wijffels, Marleen Stikker, Ruud Koornstra, Barbara Barend, Bouwe de Boer en Ruurd Priester.

 Op donderdag 5 september 2013 was daar het állereerste energie-ontbijt. Op donderdag 5 april 2018 vieren we er het 100steontbijt. Tóen waren er 10 tot 15 man. Nu zitten er ruim 100 man. Twee jaar lang zaten ze tussen de kippen, in een mini-kippenboerderij naast de RAI. Nu zijn ze terug in Old School, waar ze 4,5 jaar ook begonnen zijn.

Vaste plek in de stad

Wat is de succesformule? Boon: we buigen ons , elk ontbijt weer, over het vraagstuk, hoe we Amsterdam zo snel mogelijk op 100% duurzame energie kunnen krijgen. Ons doel is om dat in 2025 al voor elkaar te hebben. Dankzij het ontbijt is er in de stad een vaste plek, een vaste dag en een vast tijdstip, waarop je mensen kunt ontmoeten die met datzelfde onderwerp bezig zijn. Je kunt er je vragen stellen en ervaringen delen, ook je frustraties.

Stille kippen

Wat waren de hoogtepunten? Westendorp noemt er drie: ‘Dat we in januari 2016 Ruud Koornstra tot onze Nationale Energiecommissaris benoemden. Dat er, toen we nog tussen de kippen zaten, een arts uit Deventer was, die ons rustig liet ademen. Omdat wíj rustig werden, werden de kippen dat ook: 200 kippen werden hélemaal stil. En die keer dat Dave [redactie: Dave van Dongen] voor de eerste keer binnen kwam. Hij zei dat hij wel wat wist van technieken om duurzame energie op te wekken. Dat zeggen meer mensen die hier komen. Maar Dave wist écht alles. En dat is het mooie aan het energieontbijt. Samen weten we veel meer. De zaal is ruim drie keer slimmer dan de slimste mens aanwezig.

En slimme mensen zijn hard nodig, want het doel is ambitieus: Amsterdam koploper schone energie in 2025: dat is al over zéven jaar.

Het kan als je maar wil

De peptalk die Barend de ontbijtgangers meegeeft is: het kan als je het wilt. Zelf leerde ze dat al heel jong. Ze was zes jaar oud en wilde voetballen. Net als de jongens. Maar voor meisjes was dat toen nogmedisch onverantwoord. Die moesten wachten tot hun ze acht werden. Barend voerde in de rechtszaal zelf het woord, en kreeg van de rechter gelijk.

De laatste jaren stond ze dicht bij het vrouwenvoetbalelftal. Hún droom was het Europees Kampioenschap winnen. Niemand geloofde erin. Maar omdat zíj dat deden, volgden hun ouders en trainers. Ze wonnen, als team. Barend deelt drie lessen uit het damesvoetbal:

  • zet je ego opzij, doe het als team
  • houd je doel voor ogen, ga ervoor
  • geniet ervan, en doe gewoon

Absurde doelen

‘Zij die het absurde nastreven, bereiken het onmogelijke’, zegt ook Ruud Koornstra. Het is een uitspraak van de kunstenaar Esscher. En dat is volgens Koornstra, de kunst die Westendorp en Boon bedrijven. ‘Jullie krijgen iets voor elkaar vanuit een droom.’ Koornstra is daar zelf, als Energiecommissaris, het bewijs van: ‘Die hele Energiecommissaris, die bestaat niet. En toch bestaat hij: want er zijn oliemaatschappijen die mij willen ontslaan.’

De schaduw kunnen zien van wat er nog niet is

Marleen Stikker is directeur van de Waag Society. Ze haalt Robert Musil aan, die in zijn boek der Mann ohne Eigenschafte, onderscheid maakte tussen werkelijkheidsdenkers en mogelijkheidsdenkers: ‘De werkelijkheidsmens neemt de wereld zoals die is, en gaat daarin optimaliseren, soms heel creatief en idealistisch. De mogelijkheidsmens kan zich daarentegen een wereld voorstellen die nog niet zichtbaar is. Hij kan de schaduw zien van dat wat nog niet is gebouwd.’

Het energieontbijt trekt veel mogelijkheidsdenkers aan. En dat is een lastige positie, omdat je die bewijslasten niet hebt, en je steeds in gesprek moet met mensen die niets anders doen dan lijstjes bijhouden. Wat mogelijkheidsmensen vaak te horen krijgen is ‘bewijs dat maar eens’, of ‘waar zijn de cijfers?’ Dus ga jij ook maar iets uitrekenen.‘

Marleen Stikker en Herman Wijffels

Nieuwe economie

Daar staat tegenover dat er wél steeds meer mogelijkheden zijn. We staan aan begin van een nieuwe tijd, zeggen zowel Stikker als Herman Wijffels. Wijffels was onder andere voorzitter was van de SER, en directeur van de Wereldbank. Tijdens dit ontbijt vertegenwoordigt hij de vijfde O, van Ongeorganiseerde Burger, naast Overheid, Onderwijs,Ondernemers en de Organisaties van onszelf. Hij zet zich vooral in voor een duurzame en circulaire economie. Want, ‘we zijn aan de grenzen gekomen van wat onze planeet aan kan’, zeg hij, ‘en niet de overheid, maar wij zélf nemen nu het initiatief om het anders te gaan doen.’

Stikker noemt in dit kader de Donut economie, het nieuwe economische model voor de 21steeeuw, van de Britse econoom Kate Raworth. De ringen van de Donut geven de grenzen aan. Als we daar binnen blijven, zorgen we goed voor elkaar en de wereld. In het gat van de donut leven mensen in armoede. Buiten de donut, putten we onze bronnen uit en riskeren we de toekomst van de mensheid op deze planeet.

Binnen de cirkels van de Donut economie zitten onze commons. Dat zijn gedeelde bronnen zoals schoon water en schone lucht, maar ook bijvoorbeeld internet en energie, waar we samen zorg voor moeten dragen. ‘Het wordt tijd dat dit soort initiatieven [redactie: het energieontbijt] een plek krijgen in De Amsterdam Economic Board’, zegt Stikker. ‘We zitten hier niet bij het tweede energieontbijt, maar bij het bij het 100ste.’ Met elkaar zijn deze initiatieven een belangrijke economische kracht: geen nice to have, maar need to have, als solide partner in de toekomst.

Wenkend perspectief

Wijffels ziet de volle zaal ter ere van het 100steontbijt ‘als bewijs dat er een maatschappelijke beweging is, met politieke relevantie’. Maar, zegt hij, dat hebben we te danken aan fossiele voorraden, waar we de 100 jaar uit mochten putten. Dankzij die fossiele bronnen konden we investeren in technieken. En in mensen, die zich emancipeerden en die nu in staat zijn zélf dingen te doen en te regelen. We kunnen nu, kleinschalig en efficiënt, zélf onze energie opwekken. Mensen durven nu de verantwoordelijkheid te nemen voor de commons. We zijn gewend om vanuit het klimaat te praten, maar je kan het ook anders zien: we hebben – juist nu – mogelijkheid om het véél beter te doen. Dat is een wenkend perspectief. En ‘dat is wat we vandaag vieren.’

Aan financiële middelen ontbreekt het ons niet, zegt Wijffels. De fossiele brandstoffen hebben ons namelijk ook rijk gemaakt. Hij doelt niet op onze bankrekening, maar op de gigantische kapitalen in onze pensioenen. Wijffels: ‘Waarvoor zijn die financiële voorraden er? Om te investeren in de volgende fase. Het is nú, onze maatschappelijke en sociale opdracht, om te zorgen dat dat gebeurt.’

Herman Wijffels

CO2-heffing

Een voorwaarde is wel, een forse CO2-heffing. Zolang die er niet is blijft het lonen om natuurlijk kapitaal om te zetten in economisch kapitaal. Een CO2-heffing maakt het aantrekkelijk om ‘die grote hoeveelheden spaargelden, die nu maar rondzwerven in het heelal van speculaties, te gaan investeren in de transitie.’

De buurtbarbecue en de 1-9-90 regel

Een andere voorwaarde is, volgens Wijffels, dat de overheid uit haar positie van overheid komt. ‘Overheden moeten de slag maken om maatschappelijke initiatieven niet te zien als gefröbel in de marge maar als wezenlijk vernieuwend lokaal beleid’. Wat volgens Stikker kan helpen is dat die overheid het 1-9-90 effect gaat begrijpen. Neem de buurtbarbecue: 1% neemt het initiatief, 9% komt helpen en 90% komt eten. Zónder die 90% is er niks aan. Maar je hoeft niet van 100% van de mensen te verwachten dat ze het initiatief nemen. ‘Bij een inclusief burgerinitiatief werkt het net zo. Maar wat je ziet gebeuren is dat de overheid die 1% wegzet, als ‘die kennen we al’. Of ‘waar is die 90%?’. Wie de 1-9-90 –regel begrijpt, weet dat die ene persoon optreedt namens een heleboel anderen.’

Stikker: bij de overheid werken mensen met precies dezelfde plannen als wij. Ze komen alleen vaak klem te zitten omdat ze denken dat ze het vóór de burgers doen. Maar die burgers, die dóen het al, met bovendien een grote mate van professionaliteit: vanuit hun professionele activiteit, of omdat ze zich ergens heel erg in verdiepen.

Vrije vogel

Een ambtenaar die dat al jaren weet, is Bouwe de Boer. Hij is in zoverre ambtenaar, zegt hij, dat hij zijn salaris krijgt van de Gemeente Leeuwarden. Ooit had hij ook een visitekaartje van de Gemeente, met zijn naam en functie. Maar, daar hoorde een vierjarenplan bij. En dat bleek niet handig, als je je, zoals Stikker adviseert, aansluit bij wat er al gebeurt. Na drie jaar was er van het plan niets terecht gekomen, maar stonden er wél heel veel energieneutrale woningen. De gemeente kreeg wél drie prijzen voor haar energieprojecten.

’Mooi verhaal toch?’, dacht De Boer, ‘we hebben niet gedaan wat we zeiden dat we gingen doen, maar veel beter’.
‘Nee. Dat kan niet. Je moet het zó opschrijven, dat het lijkt …’, zei een collega.
‘Nee. Dat gaan we niet doen. Dat doe je thuis toch ook niet? Dan vertel je toch ook hoe het gegaan is?’

En dus vertelde De Boer aan de Raad, hoe het gegaan was. En de Raad? Die vond het een goed verhaal. ‘Vanaf dat moment heb ik mijn kaartje weggegooid. Ik mocht een vrije vogel worden. Ik kan mensen opzoeken. Ik kan projecten doen waar behoefte aan is.’ En dat zouden dus meer gemeentes moeten doen: een paar mensen vrij spelen. En hen mee laten gaan met wat er al gebeurt.

Reisboek met cheque

Namens 02025 (www.02025.nl), zoals de organisatie achter de energieontbijten tegenwoordig heet, mag Ruurd Priester de eerste contouren schetsen van het reisboek. In 2025 bestaat Amsterdam 750 jaar. Het reisboek is een plan om Amsterdam – bij wijze van cadeautje van haar inwoners – koploper te maken op het gebied van schone energie. Met nul uitstoot.

Hoe? Met de initiatiefnemers van het buurtfeest, die 1%. Oftewel de bewoner die de transitie in zijn wijk wil gaan trekken. 02025 helpt koplopers in de wijken en maakt ze zichtbaar. Ze verbindt ze met andere koplopers, opdat die van elkaar kunnen leren.

Wie dat gaat betalen? Wij. Niet met onze spaargelden, die hebben we niet allemaal. Maar met onze energierekening, want die hebben we wél allemaal. Als we weten hoe het moet, betaalt het zich terug. Voor de eerste wijken, die het pad moeten effenen en die nog niet precies weten hoe het moet, vraagt Priester de gemeente Amsterdam het geld voor te schieten: voor 3 wijken, 200 miljoen euro.

Een mooi aanbod

Stikker noemt dit een mooi aanbod. Immers, vanuit de gemeente krijg je dit niet voor elkaar. Wat er verder bijzonder aan is, is dat het de positieve kracht mobiliseert, waar we gewend zijn om ons pas te verenigen als we boos zijn. Als we alleen nog maar kunnen reageren op plannen die er al liggen.

Wijffels voegt daar nog wel wat aan toe. ‘Je gaat over van inzicht naar implementatie. Vergeet, juist nu, níet om de mensen mee te nemen die het inzicht nog niet hebben. En die ook de middelen niet hebben.’

Verboden termen

Wijffels adviseert verder om alles te vermijden, wat lijkt op uitrollen, want het gaat om een organischproces. Het is veel meer een natuurlijk, mooi landschap. Gebruik organische metaforen, geen oude industriële termen.

Stikker waarschuwt voor het woord urgentie. Want dat weten we nu wel. Die 90%, die handelen niet op basis van urgentie, maar omdat ze minder kosten hebben, omdat de buurman het ook doet of omdat het niet zo ingewikkeld is.

Ondertussen is het niet meer handig om niet mee te doen

Als Bouwe de Boer op een Amsterdams energieontbijt is, is het laatste woord al-tijd aan hem. Hij herinnert de zaal eraan dat Esscher, van ‘zij die het absurde nastreven, bereiken het onmogelijke’, is geboren in Leeuwarden. ‘Dat kán geen toeval zijn.’

Bouwe de Boer

In Friesland werken ze aan de voorbereidingen van de Elfwegentocht. Dat was een idee van studenten: een absurd idee om Leeuwarden, als culturele hoofdstad van Europa, in juni twee weken lang fossielvrij te maken. Je kan met de trein komen, met de fiets, met bussen die in Friesland al jaren op biomassa rijden en met elektrisch vervoer. Maar je benzine-auto moet je thuis laten.

Wat het mooie is? De koning en koningin doen mee. Barbara Barend doet mee. Herman Wijffels doet mee. Marleen Stikker doet mee. 02025 doet mee. Iedereen doet mee: #ik doch mei.Waarom? De Boer: ‘Omdat het inmiddels niet meer handig is om er niet aan mee te doen.’ En zoals het nu gaat in Leeuwarden, zal het straks gaan in de wijken.

100ste energie ontbijt in Energie+

De bovenstaande tekst is gepubliceerd in Energie+, jrg. 38, nr.2, juni 2018. Download de pdf: Energie Plus: 100ste energieontbijt

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *